Dwangarbeid is een vorm van uitbuiting waarbij personen tegen hun wil laten werken, vaak onder dreiging van straf of andere vormen van dwang. Dit type arbeid wordt meestal verricht door mensen die hier, door armoede, schulden of andere kwetsbaarheden, toe worden gedwongen en die vaak hun fundamentele rechten en vrijheden wordt ontnomen.
Dwangarbeid kan vele vormen aannemen, waaronder slavernij, mensenhandel en schuldbinding. Het wordt beschouwd als een schending van de mensenrechten en is in de meeste landen illegaal.
Dwangarbeid in supply chains verwijst naar de uitbuiting van werknemers bij de productie of distributie van goederen en diensten, vaak door middel van dwang of misleiding. Dit kan zich voordoen op elk punt in de supply chain, van de grondstoffen en componenten die worden gebruikt in de productie, tot de fabrieken of landbouwbedrijven waar goederen worden vervaardigd, tot het transport en de distributie van deze goederen.
Dwangarbeid in supply chains is een groot mensenrechtenprobleem dat wereldwijd miljoenen werknemers treft. Het kan voorkomen in verschillende sectoren, waaronder de landbouw, productie, bouw en mijnbouw.
Bedrijven kunnen bewust of onbewust dwangarbeid toepassen in hun supply chains, en het is essentieel dat zij maatregelen nemen om dit te voorkomen en aan te pakken. Overheden en maatschappelijke organisaties voeren dan ook steeds meer druk op bedrijven uit om dwangarbeid in hun supply chains te bestrijden, en sommige landen hebben wetgeving ingevoerd die vereist dat bedrijven hun inspanningen op dit gebied openbaar maken.
De United Nations Guiding Principles on Business and Human Rights (VN-richtlijnen voor bedrijven en mensenrechten) bieden bedrijven bovendien richtlijnen voor het respecteren van mensenrechten in hun volledige bedrijfsvoering, waaronder in hun supply chains.